Presentatie bij de Haagse Hogeschool, 29 mei 2009
Waarom burgers niet (weten waarop ze) stemmen bij Europese verkiezingen
Hoe kan het dat burgers bij Europese verkiezingen nauwelijks in staat lijken te zijn geïnformeerde beslissingen te nemen?
Het media-aanbod over de Europese verkiezingen kan globaal worden verdeeld in brede media en niche-media, en in informatieve en amuserende media.
In de brede media vormt Europa geen prominent thema: dat geldt voor traditionele nieuwsprogramma’s en kranten, maar ook voor bijvoorbeeld talkshows. Nichemedia zoals festivals en internetsites spitsen zich soms wel specifiek toe op Europa, maar deze trekken relatief een zeer klein publiek.
Iets gehoord
Als gevolg hiervan zijn de meeste burgers grotendeels ongeïnformeerd over de EU. Burgers geven dit zelf aan en hebben van allerlei onderwerpen hooguit ooit eens ‘iets gehoord’. Voor burgers zou het niet moeilijk moeten zijn vijf Eurocommissarissen te noemen en iets te zeggen over de effectiviteit van hun beleid. Dat is echter vrijwel onmogelijk door de ontbrekende informatie.
Als burgers de informatie niet hebben, ontwikkelen ze ook geen uitgekristalliseerde meningen. De meeste meningen over de EU zijn uitermate zwak en aan verandering onderhevig. Burgers vinden het buitengewoon moeilijk om een oordeel over Europa te vellen en je kunt burgers er daarom ook makkelijk iets over wijsmaken.
Als we dan kijken naar de opkomst bij verkiezingen voor het Europees Parlement, kan het niemand verbazen dat die laag is. Mensen weten gewoon niet waarop te stemmen. De vraag is of de burgers die wel gaan stemmen een inhoudelijke keuze kunnen maken. Globaal zijn er twee dimensies in de standpunten van partijen: voor of tegen Europa, en makkelijk of moeilijk te begrijpen.
Partijen en standpunten
De PVV is makkelijk te begrijpen en tegen Europa: de PVV vindt de EU bemoeizuchtig en te duur. Ook levert de EU te veel immigratie op. D66 is de positieve tegenhanger: Europa is goed voor Nederland en lost veel onze problemen op. Europa is hartstikke positief. In beide gevallen is de boodschap erg eenvoudig, zijn er nauwelijks specifieke beleidsvoorstellen en worden details weggelaten.
De PvdA is ook voor Europa, maar minder makkelijk te begrijpen. Zij doen een poging genuanceerd over te brengen wat goed en slecht is aan de EU. Dat leidt tot gedetailleerde voorstellen: het opnemen van geslacht in het Europees paspoort is discrimerend voor transseksuelen.
De Christenunie/SGP is min of meer tegen Europa maar eveneens moeilijk te begrijpen. De focus ligt op de eigen vaste achterban, de rest van de bevolking weet niet wat de lijst wil.
Echte meningen
Als we de voorspellingen moeten geloven, zullen alleen partijen winnen die een makkelijk te begrijpen boodschap verkondigen zoals D66 en PVV. Dit ligt gezien het gebrek aan informatie onder burgers en hun weinig doordachte meningen ook het meest voor de hand.
De vraag is echter of dit de daadwerkelijke meningen van burgers over Europa representeert. Niemand weet dat omdat die meningen nooit echt zijn gevormd.
De vraag die daarmee opkomt of we iemand hier de schuld van kunnen geven of verantwoordelijk voor kunnen stellen. Het antwoord is dat iedereen even schuldig is: burgers die te lui zijn zich te informeren, journalisten die niet over impopulaire onderwerpen willen schrijven en politici die hun vingers er niet aan willen branden.
Het informatieaanbod over Europese politiek is een groot probleem. Er is heel veel PR-informatie over Europa waarin de zegeningen van Europa worden uitgespeld, maar burgers voelen goed aan dat die informatie eenzijdig is. Gebalanceerde dagelijkse journalistiek over Europese politiek ontbreekt grotendeels.