Stop de steun aan lokale media

Een sterke lokale democratie vraagt om goed geïnformeerde burgers en media die daadwerkelijk de macht controleren. Maar lokale en regionale kranten staan onder druk. Toch moeten overheden niet de fout begaan om lokale media te subsidiëren. Dat belemmert de controlerende taak van de journalistiek en werkt innovatie tegen.

Theo Weterings is niet alleen trouw lezer van het Haarlems Dagblad, maar ook burgemeester van de gemeente Haarlemmermeer. Hij is bezorgd over de toekomst van de lokale krant. Deze is onderdeel van de Telegraaf Media Groep (TMG), waar een bezuinigingsronde is aangekondigd bij vijf kranten. Het Haarlems Dagblad is daar een van. Weterings noemt de bezuinigingen ‘uitermate verontrustend en ook bedreigend voor de lokale democratie’. Voor ongeveer een kwart van de journalisten dreigt ontslag.

Volgens Weterings is het pluriforme medialandschap in de gemeente Haarlemmermeer straks wellicht verleden tijd, terwijl dit ‘een randvoorwaarde voor een vitale lokale democratie’ is. Het Nieuwsblad Haarlemmermeer is al gestopt en nu wordt ook het enige echte dagblad van de regio bedreigd. Weterings is het met de redactie van de krant eens dat er na de bezuinigingen wellicht onvoldoende kwaliteit kan worden geleverd. Weterings wil daarom meedenken over ‘manieren die de regionale pers in het algemeen, en Haarlems Dagblad in het bijzonder, in staat stellen hun belangrijke rol te blijven vervullen’. Hij wil wel dat eerst de bezuinigingen van tafel gaan. Weterings is niet de enige burgemeester die zich zorgen maakt over de bezuinigingen bij TMG. Hij krijgt steun van zijn collega’s uit Bloemendaal, Haarlem, Leiden, Velsen en Hollands Kroon.

Dalende abonnee-aantallen

De opwinding over de ontslagen bij de regionale TMG-kranten laat zien dat de discussie over lokale media springlevend is. Met name onder het kabinet-Rutte II hebben gemeenten er veel taken bij gekregen op het gebied van de zorg. Dit maakt controle op het lokale bestuur belangrijker dan ooit tevoren. Waar dit vroeger door de landelijke media gedaan kon worden omdat zorg landelijk beleid betrof, zijn nu lokale media ook op dit terrein aan zet. Juist hier verschraalt echter het nieuwsaanbod. Zo fuseerde enkele jaren geleden een groot aantal regionale kranten met het Algemeen Dagblad.

Tegelijk doet de opwinding wat vreemd aan. Wat is de reden voor de bezuinigingen bij onder meer het Haarlems Dagblad? Waar de lokale krant vroeger een belangrijk nieuwsmedium was voor velen binnen de gemeente, is die rol steeds verder gemarginaliseerd. Alle kranten hebben last van dalende abonnee-aantallen, nu jonge generaties hun nieuws meestal gratis van het internet halen. Dit zorgt voor problemen met de bedrijfsvoering, maar ook met de democratische rol die deze lokale kranten nog kunnen vervullen.

Ouderwets product

Er is dus wel sprake van een probleem van slecht geïnformeerde burgers, maar de lokale krant is al lange tijd niet in staat dat probleem op te lossen. Tegelijk kan men het gebrek aan informatie over de lokale politiek relativeren: in de meeste gemeenten is er nog steeds een krant met lokaal politiek nieuws. Op inhoudelijk vlak is er al veel langer reden tot zorg: onderzoek op regionale redacties liet een paar jaar geleden zien dat redacteuren niet toekomen aan onderscheidende, verdiepende berichtgeving. Tegelijkertijd hebben de redacties moeite rekening te houden met hun lezers: crossmediale mogelijkheden worden maar weinig gebruikt en men houdt lezers op afstand. De productie van de krant heeft alle prioriteit.

Je hoeft geen media-expert te zijn om de problemen te zien: de krant is een ouderwets product en is bijna aan het einde van zijn levenscyclus. Er zullen ongetwijfeld kranten blijven bestaan, maar niet alle titels zullen de komende jaren overleven. Kranten moeten op zoek naar nieuwe mogelijkheden om geld te verdienen, maar ontwikkelen hierbij opmerkelijk weinig nieuwe initiatieven. Waar landelijke media experimenteren met betaalmuren, aggregatiewebsites, betalen per artikel, crowdfunding en gesponsorde content, gebeurt er juist bij regionale en lokale kranten weinig. Illustratief voor dit gebrek aan innovatie is dat er geen abonnement bestaat op uitsluitend de lokale berichtgeving van het Haarlems Dagblad. Waarom dat niet kan, is een raadsel.

Broodnodige innovatie

Bestuurders en burgers die lokale media belangrijk vinden, hebben gelijk dat journalistieke controle op het lokale bestuur essentieel is. Maar een terechte vraag is of die rol door de van oudsher belangrijke kranten vervuld moet blijven worden. Waarom internetmedia deze rol niet kunnen overnemen is onduidelijk. Bestuurders als burgemeester Weterings willen helpen als een belangrijk lokaal nieuwsmedium inkrimpt; velen pleiten de laatste jaren openlijk voor het invoeren van perssubsidies. Dat is een slecht plan: de lokale journalistiek gaat dan haar eigen subsidiegever controleren.

Belangrijker is dat bestuurders zo ook de broodnodige innovatie in de lokale media tegenwerken en ondernemerschap ontmoedigen. Ze leggen zich met name neer bij het idee dat burgers niet meer zelf voor journalistieke media willen betalen. Dat is simpelweg onjuist: er bestaan goede voorbeelden van journalistieke crowdfunding waarbij burgers met kleine donaties een groot bedrag bijeenbrachten. De Correspondent heeft in een paar jaar tijd 50.000 betalende leden opgebouwd. Journalisten kunnen hun werk via Reporters Online op Blendle publiceren om het aan individuele burgers te verkopen, zonder inmenging van een traditionele redactie. Dit zijn weliswaar schaarse voorbeelden, maar ze laten zien dat de betaalbereidheid van burgers langzaam toeneemt en ook commerciële kansen biedt.

Rekenvoorbeeld: Den Helder

Het probleem is vooral dat dergelijke innovaties de lokale media nog niet hebben bereikt. Zouden die nieuwe lokale initiatieven er werkelijk nooit komen? Een rekenvoorbeeld maakt duidelijk dat dit een kwestie van tijd is. Laten we een middelgrote gemeente nemen die nu nog een lokale krant heeft: Den Helder. Deze gemeente heeft de fusiegolf in de kop van Noord-Holland overleefd en blijft dus waarschijnlijk zelfstandig. Hier is dus behoefte aan een eigen medium, mocht de bestaande krant inkrimpen of verdwijnen. Wat zijn de commerciële mogelijkheden om hier een lokaal nieuwsmedium te beginnen?

In Den Helder wonen ongeveer 56.000 mensen. Als één procent van hen bereid is een abonnement te nemen op een website die de lokale politiek verslaat, heeft deze 560 abonnees. Als we uitgaan van hetzelfde abonnementsgeld als bij De Correspondent – 60 euro per jaar – zet deze website zonder reclame-inkomsten 33.600 euro per jaar om. De distributiekosten van een website zijn verwaarloosbaar en dus is het grootste deel van dit bedrag te besteden aan het salaris van de betreffende journalist(en). Het is maar de vraag of dat het bedrag is dat de huidige krant aan lokale politieke berichtgeving besteedt.

Burgerjournalisten

Als lokale politieke verslaggeving niet op een gespecialiseerde website komt maar op een website met een breder inhoudelijk profiel, kunnen de aantallen abonnees en de verdienmogelijkheden alleen maar toenemen. Als er dan bovendien (deels) gebruik wordt gemaakt van content van burgers, is het onzin te doen alsof een dergelijk initiatief niet rendabel zou kunnen zijn in een kleine gemeente als Den Helder. Door toevoeging van verslaggeving door burgerjournalisten kan er zelfs meer controle op het lokaal bestuur plaatsvinden dan nu het geval is. Straks zit bij elke raadsvergadering een journalist op de tribune, nu vaak bij geen enkele vergadering.

Zolang lokale kranten bestaan, zijn de commerciële kansen voor nieuwe initiatieven kleiner en komen ze minder makkelijk van de grond. Veel potentiële abonnees van nieuwe initiatieven zijn immers nog geabonneerd op de krant. Dit aantal moet waarschijnlijk eerst verder dalen om deze initiatieven mogelijk te maken. Bestuurders moeten traditionele media die hun publiek zijn kwijtgeraakt niet helpen, want zo houden ze alleen maar media in stand die vanuit het perspectief van burgers inmiddels irrelevant zijn geworden. In de markt kunnen prima nieuwe media groeien, die de politiek wellicht zelfs beter kunnen controleren dan de kranten nu doen.

Dit artikel verscheen in Idee, het Tijdschrift van de Mr. Hans van Mierlo Stichting, het Wetenschappelijk Bureau van D66. Beeld: kranten (Pixabay).