Hoe kunnen burgers de politiek beïnvloeden?

Het is heel moeilijk om passief en ongeïnteresseerd te blijven bij thema’s die je aan het hart gaan, waar je je druk over maakt en waar je dagelijks mee geconfronteerd wordt. Bijvoorbeeld bij een lelijk nieuwbouwproject in je straat, een plan om uitgeprocedeerde asielzoekers in je buurt te huisvesten, het kinderpardon of iets heel anders. De vraag is: als je een politiek thema aan de orde wilt stellen, hoe zou je dat dan kunnen doen? Drie vragen.

Kunnen burgers de politiek beïnvloeden?
Het is niet eenvoudig om de politiek te beïnvloeden. Je hebt daarvoor veel kennis en informatie nodig. Dit kan nauwelijks een verrassing zijn want lobbyisten hebben aan zulke beïnvloeding een dagtaak. Bij burgers ontbreekt het vaak aan deze kennis.

Onlangs was de Amsterdamse wethouder Rutger Groot Wassink in debatcentrum De Balie. Hij wil graag dat burgers meedenken maar al meteen bleek hoe ingewikkeld dit is. Hij wil dat er meer huizen worden gebouwd en suggereert dat burgers daar inbreng in hebben. Hij stelt wel wat eisen aan die inbreng: er zijn technische voorschriften en er moet een bepaald aantal huizen gebouwd worden. Binnen die kaders mogen burgers meedenken. Groot Wassink lijkt te vergeten dat burgers in feite aan de TU Delft moeten hebben gestudeerd om alle technische eisen te begrijpen.

Maar het kennistekort van burgers gaat verder. Het gaat ook over de politiek op zich: wat is bijvoorbeeld het verschil tussen een wethouder, een raadslid en een ambtenaar? Burgers komen regelmatig terug van een gesprek op het Stadhuis en zeggen geen idee te hebben met wie ze hebben gepraat. Dat geldt voor mensen van alle opleidingsniveaus. Als je niet weet met wie je praat, is het onmogelijk om te weten hoe je deze persoon kunt beïnvloeden, wat de procedures zijn en welke argumenten overtuigend zouden kunnen zijn.

De vraag is daarmee hoe burgers erachter kunnen komen hoe het lokale bestuur in elkaar zit. We zien hier het grootste probleem van de politiek van nu. Burgers weten vaak niet hoe het allemaal werkt en niemand neemt de moeite het ze te vertellen. De journalistiek doet alsof burgers politieke structuren wel begrijpen en hoog opgeleiden zeggen dat ze maar een boek moeten lezen. Een simpele training zou wonderen doen, maar die bestaat bijna nergens.

Willen burgers de politiek beïnvloeden?
Het gebrek aan kennis leidt vroeg of laat tot demotivatie om politiek actief te worden. Dit roept dan weer de vraag op of burgers de politiek wel willen beïnvloeden. Hebben ze wel voldoende motivatie? In de praktijk zijn burgers juist wel gemotiveerd, maar missen zij een aantrekkelijke manier om actief te worden. Twee voorbeelden laten dat zien.

Het publieke debat trekt veel mensen niet. Een debatcentrum als De Balie is alleen voor specifieke groepen interessant. Je moet van debatteren en praten houden. Veel mensen hebben daar juist niets mee. Debat voelt zinloos omdat het niets concreets aan maatregelen oplevert. Debat is bovendien vooral interessant voor mensen die zich gemakkelijk kunnen uitdrukken. De meeste mensen kunnen dat juist niet. Tel daarbij op dat debatten vaak over de verkeerde thema’s gaan en dan blijven de meeste mensen thuis.

Lid worden van een politieke partij is vaak ook geen optie. Als je incidenteel iets aan de orde wilt stellen is lid worden van een politieke partij eigenlijk niet nodig. Je kunt als partijlid natuurlijk voorstellen doen voor het partijprogramma en jezelf verkiesbaar stellen. Het probleem is dat dit voor veel mensen een stap te ver is: ze willen niet zelf de politiek in. Bovendien is het moeilijk kiezen: burgers zweven en hebben geen duidelijke voorkeur meer voor een bepaalde partij.

Mogen burgers de politiek beïnvloeden?
Er zijn dus vaak geen laagdrempelige vormen van participatie beschikbaar. Dan komen we bij de vraag of burgers de politiek wel echt mogen beïnvloeden. Vaak mogen ze dat niet, al beweren politici wat anders. Kijk naar de trend in bestuurlijk Nederland: burgerparticipatie. Het komt er vaak op neer dat er avondjes worden georganiseerd waarbij burgers aan tafeltjes mee mogen praten over een bepaald onderwerp.

Burgers bepalen vaak de agenda van dit soort avondjes helemaal niet. Het gaat meestal om informatieverstrekking en niet om invloed. Burgers kunnen met een idee of klacht alleen terecht als deze binnen de bestaande bestuurlijke kaders past. Eigenlijk gaan dit soort participatieprojecten over wat politici belangrijk vinden, niet over wat burgers willen.

Soms hebben burgers bij dit soort avonden meer eigen inbreng, maar ook dan blijft er een probleem: ze beslissen niet echt, want dat doen uiteindelijk gewoon de raadsleden. Die hoeven zich niet te committeren aan de uitkomsten van dit soort avondjes.

De oplossing: de burgerlobbyist
Bij burgerparticipatie gaat het meestal om wat ambtenaren en bestuurders willen. Zij willen de kloof met burgers dichten en willen daarom aan burgerparticipatie doen. Dat is best nobel, maar wethouders moeten het niet hebben van de steun van burgers maar van die van raadsleden. Ambtenaren zijn burgers al helemaal geen directe verantwoording verschuldigd. Alleen raadsleden zijn echt afrekenbaar want zij worden direct verkozen en staan aan het hoofd van de gemeente.

Het probleem is vooral dat veel burgers zich niet realiseren dat de gemeenteraad de baas is terwijl de raadsleden tegelijkertijd vaak onbekend en onzichtbaar zijn. Juist met hen moet meer het gesprek worden gezocht. Het idee van Lobby Lokaal om burgers om te dopen tot burgerlobbyisten is daarom een mooie oplossing. Het laat precies zien wat burgers zijn: ze lobbyen voor bepaalde ideeën en hebben een kans op succes, maar geen garantie. Als ze betere voorkennis hebben, is hun kans op succes het grootst. Iedereen kan deze rol op zich nemen zonder naar een debatcentrum te hoeven, lid te worden van een partij of te wachten op een inspraakavond.

Dit eenvoudige idee is bovendien geschikt voor alle burgers. Ze kunnen direct het gesprek met gekozenen aangaan. Dat past bij de bestuurlijke verhoudingen: raadsleden krijgen een duidelijkere achterban en worden zo meer volksvertegenwoordigers dan nu. De enige vraag is hoe je ervoor kunt zorgen dat burgers niet continu ineffectief zijn. Daarvoor is nog steeds kennis nodig. Dit boek van Lobby Lokaal geeft daar een eerste aanzet toe. Als de gemeente Amsterdam haar burgers serieus neemt, zorgt ze ervoor dat het niet bij dit initiatief blijft.

Deze bijdrage werd uitgesproken bij de presentatie van het handboek van de Amsterdamse burgerlobbyist, georganiseerd door Lobby Lokaal. Beeld: Lobby Lokaal.

SKILLS